Op 6 maart van dit jaar, op een veebedrijf in de buurt van Dublin, kreeg de zwartwit gevlekte melkkoe Vicky een kalfje. Toen gebeurde iets zeldzaams: de boer – eigenaar van een doorsnee melkveebedrijf – gaf het kalfje een naam en registreerde die: Ollie.
Dat is niet vanzelfsprekend, want Ollie is een stiertje. Hij is een van de vele dit jaar geboren stiertjes van het zwartbont-ras, dat de klassieke melkkoeien levert. En van stiertjes is vaak geen naam bekend: ze zijn een overblijfsel van de grote Ierse melkindustrie en verdwijnen snel van de boerderij. Voor lage prijzen gaan ze bijvoorbeeld richting Nederland. Zo ook Ollie.
De NOS volgde 11.000 kalfjes die net als Ollie dit jaar vanuit Ierland naar Nederland kwamen, ondanks beloften uit de sector om daarmee te stoppen. De dieren krijgen tijdens de overtocht naar het Europese vasteland 24 uur geen melk. Volgens de Europese Commissie is dat tegen de regels.
Eind maart begon Ollie alle voornemens ten spijt aan zijn lange reis naar Nederland. Waar Ollie precies op een vrachtwagen werd geladen, weten we niet. Dat is van minuut tot minuut bij de overheid bekend, maar het grote publiek en ook de journalistiek heeft geen toegang tot de databases waar die informatie in is opgeslagen.
We weten wel dat die vrachtwagen hoogstwaarschijnlijk op 30 maart in Dublin op een commerciële veerdienst naar Frankrijk reed. Dat weten we op basis van de dienstregeling van de twee commerciële veerdiensten tussen Ierland en Frankrijk, en met behulp van cijfers over bootvervoer van het IMF.
Vlak daarvoor kreeg Ollie nog een laatste rustpauze en wat melk. Hard nodig, want op de boot kan dat niet: apparatuur om kalfjes in een vrachtwagen melk te geven is niet commercieel beschikbaar. De vrachtwagen staat zo vol dat de transporteur geen melk kan geven. Ook zou de melk warm moeten zijn, en dat is al helemaal onmogelijk.
Het was beter geweest als Ollie iets ouder was, zodat hij beter tegen de overtocht bestand was en niet meer afhankelijk van melk. Maar dan pasten er minder runderen als Ollie op de boot, en dat is duurder. Kalfjes groeien namelijk razendsnel.
Met een boottocht van 19 uur en inclusief in- en uitladen betekent dat dat het stiertje het zo’n 24 uur zonder melk moet uithouden. Ierland vindt dat niet in strijd is met de Europese regels, omdat het niet “noodzakelijk” zou zijn om de dieren te voeden: ze overleven de veertocht namelijk zonder al te veel aantoonbare schade.
De Europese Commissie leest de regels anders en vindt dat de wetenschappelijke richtlijn van minimaal eens per twaalf uur voeding zou moeten worden aangehouden.
De kalfjes, die afhankelijk zijn van melk, krijgen circa 24 uur lang helemaal niets te drinken. Bij aankomst in het Franse Cherbourg – vrijwel zeker op 31 maart – krijgt Ollie met zijn Ierse soortgenoten wat te drinken. Daarna wordt hij weer in de vrachtwagen geladen, richting Nederland.
Over de precieze lengte van Ollies reis verschillen de meningen. Staatssecretaris Erkens van Landbouw schreef deze week aan de Tweede Kamer dat een reis doorgaans zo’n 36 uur duurt. Maar uit wetenschappelijk onderzoek, waar de industrie aan meewerkte, blijkt de totale reis eerder 50 tot 80 uur te zijn.
Meppel
Op 1 april komt Ollie in Nederland aan, op een veehouderij in de buurt van Meppel. Hij is dan dus waarschijnlijk al twee dagen minstens onderweg: hoelang precies, weten we niet door het gebrek aan informatie uit Ierland.
Over ongeveer een halfjaar zal Ollie naar verwachting worden geslacht: de kans is groot dat zijn vlees is bedoeld voor de export. Het vlees van negen op de tien in Nederland geslachte kalveren wordt geëxporteerd naar andere Europese landen, vooral Frankrijk, Duitsland en Italië. Ook de export naar het Midden-Oosten en Azië rukt op.
Vrijwel niemand is blij met de reis van Ollie. De Nederlandse kalfsvleessector, marktleider VanDrie voorop, wilde er in principe mee stoppen – maar zag daar dus van af.
De Nederlandse autoriteiten willen dat dieren niet zolang zonder melk gaan, maar zien weinig mogelijkheden om op te treden: wie verantwoordelijk is voor toezicht op de boot is onduidelijk. Als er binnen Nederland overtredingen worden geconstateerd betalen Ierse vervoerders simpelweg de boetes niet, en rijden ze verder ondanks verboden. Ierland werkt niet mee.
De Europese Commissie vindt alles in strijd met de regels. En zelfs Ierland zélf – dat geen strengere regels wil omdat het bang is dan te worden afgesneden van de Europese interne markt – erkent dat het beter kan. Want, schreef de Ierse chief veterinary officer: “Er kan een legitieme vraag worden opgeworpen of het welzijn van kalveren kan worden verbeterd als ze onderweg worden gevoed”.
Ondanks alle onvrede veranderde er nog niets. En zo stak Ollie samen met minstens 10.968 mannelijke soortgenootjes zonder melk de Ierse Zee en Het Kanaal over.
Verantwoording
Voor dit onderzoek achterhaalde de NOS het systeem achter de 16-cijferige oormerknummers van Ierse runderen. Daardoor konden we geautomatiseerd in openbare databases informatie over de runderen opvragen en zien wanneer ze in Nederland zijn geïmporteerd.
Voor het achterhalen van de logica gebruikte de NOS op meerdere manieren kunstmatige intelligentie. Zo konden we een wiskundige rekensom in de oormerknummers achterhalen die het aantal te raden combinaties vergaand terugbracht.
De AI hielp ons vervolgens bij het slim raden van de oormerknummers, waardoor we in minder dan een paar weken tijd de oormerknummers van 2276 kuddes wisten te achterhalen die in Nederland zijn geïmporteerd, samen 27.807 kalfjes, waarvan 10.969 dit jaar. Ook vonden we de gegevens van 492 boerderijen en slachterijen waar ze zijn geweest, waarvan 85 dit jaar.
De NOS benaderde de nieuwe Nederlandse eigenaar van Ollie, maar kreeg geen reactie.
Bron: NOS Binnenland
Opmerkingen plaatsen (0)